Oud Nieuws, uit de schoolkrant

Op de kleuterschool al organiseerde ik circusjes en tekende ik theatertjes

Bron: Michael Schilling

Polyfoon, januari 1969: Interview met Herman van Veen

De Nederlandse podiumkunstenaar, muzikant, schrijver en componist, is geboren in maart 1945 in Utrecht. In januari 1969 was hij dus nog maar 23 jaar oud en stond hij aan het prille begin van een (naar later zou blijken) glanzende carrière. Op dit moment staat hij nog steeds (met bijzonder veel succes) op de planken en treedt hij op met een groot theatertournee.

Maar hoe is het allemaal begonnen? Dat staat prachtig weergegeven in een interview met hem in onze schoolkrant van januari 1969: Twee helaas onbekende leerlingen van het Sint-Janslyceum hadden de eer met hem in gesprek te gaan, toen hij in 's-Hertogenbosch optrad. Een uniek inkijkje in het leven van de toen nog zo jonge chansonnier. De pas opgerichte nieuwe schoolkrant heette "Polyfoon"! Inderdaad, bijzonder veelstemmig. Veel leesplezier.

René Kok

Hij was volgens goed Brabants gebruik een kwartier later dan we hadden afgesproken (wat een aanpassingsvermogen) en nadat hij twee vrouwelijke fans met een lp had weggewerkt, zette Herman van Veen zijn stoel achterstevoren op het toneel en mompelde zoiets als ‘begin maar’. Twee bandrecorders begonnen te draaien, die van Polyfoon (met dank aan Peter van der Heijden) en die van twee jongens van de BKS, die Van Veen lastig vielen met de 37 vragen van Marcel Proust, welke men wekelijks in Studio kan lezen. Hij praat rustig, zich voortdurend bedienend van adjectieven als ‘verschrikkelijk’ en ‘waanzinnig’ en zijn zinnen halverwege onderbrekend met termen als ‘weet je wel’. Hij verontschuldigt zich voor de door hem gebruikte taalcliché’s en zoekt vaak naar wat hij zeggen moet.

Herman van Veen is geboren op 14 maart 1945 en stamt uit een PVDA-familie. Hij is niet godsdienstig opgevoed, maar hij zegt wel dat hij op zijn manier in het dagelijkse leven erg religieus is. Na de kleuterschool volgde hij een Montessoriale opleiding. ‘Een hele individuele hap’, zoals hij dat noemt. Toen hij negen jaar was leerde hij viool spelen, nadat hij als jongenssopraan in kerkkoren en operettes had gezongen. Na de middelbare school ging hij naar het conservatorium waar hij vijf jaar viool studeerde en waar hij tevens werd opgeleid tot muziekleraar. Hij is anderhalf jaar getrouwd en heeft een dochter.

Ik zie mezelf niet als een cabaretier, veel meer als een chansonnier

Op het toneel voel ik me iemand die op dat ogenblik het initiatief in handen heeft. De aandacht in de zaal mag niet verslappen. Er gebeuren telkens dingen die men niet verwacht. Ik hoop dat het programma vol onverwachte momenten is, net zo onverwacht als het verkeer; kijk, er komt ineens een auto met een klerengang van rechts, en zo is ons programma ook. Ik bind me niet aan een genre of aan een bepaalde vorm van presenteren.

Men zou mij links kunnen noemen

Als we hem vragen waarom hij geen grappen over politiek maakt, zegt hij: ‘Ik maak daar geen grappen over, gewoon, omdat dat eh ...., misschien komt dat nog. Daar ben ik nog niet aan toe. Ik heb dat nog niet allemaal zo .... En daarom vind ik politiek niet zo’n plezierige zaak. Persoonlijk meen ik, dat politiek uit het theater moet worden geweerd’.

Bron: Eric Koch / Anefa

Mijn image kan me niet schelen

Op het conservatorium brachten wij een programma, verschrikkelijk politiek en zo fel geëngageerd, als je je maar voor kunt stellen. Tweeënhalfuur niets anders dan Vietnam, atoombom, zwart en wit en de hele troep door elkaar. – Zou u dat nog willen brengen? – O ja wel, maar niet in dit stadium, je zit gewoon vast aan een periode hoe je je voelt. – U bent niet bang dat u door politiek in uw programma te doen uw image gaat verliezen? – Mijn image kan me niet schelen; ik bedoel, wat is een image, weet je?

Ik ben een waanzinnige stripgek

Mijn grootste favorieten zijn Asterix en Obelix. Als ik een hitlijst zou moeten samenstellen, dan: 2. Suske en Wiske, 3. Ollie B. Bommel en 4. Kuifje. Wat betreft tekenfilms vind ik Walt Disney erg goed, evenals de Tsjechische en andere Oost-Europese producten. Toen ik studeerde ging ik zo’n vijf keer per week naar de film, weet je. Film fascineerde me, ik was gek op films.

Doodongelukkig

- Wat vond u van uw eerste tv-show in kleur? – Dit was de eerste waarvan ik zelf doodongelukkig was. We hebben wat onderwerpen gemaakt, die qua timing de mist in zijn gegaan. Ik heb geprobeerd een show met meisjes te maken, een ‘all-girl-show’ en dat is een beetje te veel geweest. Dat is jammer. We hebben er heel trieste momenten aan beleefd en zo. Die mensen zijn ook echt heel erg goed, maar ze zijn alleen een beetje verkeerd gebruikt, door allerlei omstandigheden.

Public Relations

Ik ben voor het koningshuis, omdat het er is, weet je. Uit een soort sympathie voor het verleden en een sympathie voor de hele koninklijke familie. Een bedrijf heeft een directeur nodig en een afdeling public relations. En als dit laatste zie ik het koningshuis.

- Bent u in militaire dienst geweest? – Nee.

- Wat denkt u van het leger? – Nou, dat hoeft voor mij niet. Wel voor waterrampen en Rode Kruisacties en zo. Ik vind een leger in deze tijd en vooral in Nederland een overbodig ding.

- Welke militaire gebeurtenis bewondert u het meest? -  Taptoe Delft.

- Wat vindt u van protestdemonstraties, zoals die gewoonlijk worden gehouden? – Ik protesteer op mijn eigen manier. Mijn demonstratie in het nieuwe seizoen zal zijn, dat ik een stuk of tien voorstellingen voor Unicef ga geven.

- Net als Danny Kaye? – Ja, we doen het met zijn gironummer. Dat is voor mij de enige manier om nuttig te demonstreren.

- Heeft u wel eens met de politie te maken gehad? – Ik ben een keer in Parijs gearresteerd geweest wegens het stelen van een fles champagne en eh ... – ‘het wordt doodstil ineens’, merkt hij op en grinnikt – en vrij frequent bekeuringen voor verkeerd parkeren.

- Er is nog nooit iemand in zijn enthousiasme het toneel opgerend? – Nee. Er heeft zich één keer een hond op het toneel begeven. Dus dat is niet een mens, maar echt een hond(?). Een teckeltje, dat heeft de hele avond achter me aangelopen.

Vroeger toen ik middelbare scholier was

Ik weet uit mijn tijd dat er niets ergers was, dan iemand waarnaar je moest opkijken en die deed alsof je een kind was, alsof je als je 14 of 15 jaar was niet zou kunnen denken. Ik wist dat dat verschrikkelijk irritant was. Bij ons op school, bij mensen die ik dus kende, leefde dat zeer sterk. Die mensen die haatten we. Ik heb het idee dat dat niet veranderd is.

Circusjes

- En als laatste vraag: Hoe bent u begonnen? – Ik heb het idee dat het toneel bij mij terecht is gekomen. Op de kleuterschool al organiseerde ik circusjes en als andere jochies met autootjes zaten te spelen, zat ik theatertjes te tekenen.

@Nieuwsbrief 4, december 2021